Zijn sint-jakobsschelpen niet gewoon veganistisch?

De regels van veganisme lijken op het eerste gezicht vrij duidelijk: veganisten eten geen dingen die van dieren komen. Dat betekent dus niet alleen vlees, maar ook geen dierlijke producten zoals gelatine. De reden om veganist te worden, is voor iedereen weer anders: sommige vinden dierenwelzijn belangrijk, andere doen het voor het milieu, weer andere mensen kiezen voor een plantaardig dieet vanwege hun gezondheid of religie, en natuurlijk kan iemand meerdere redenen hebben om veganistisch te eten. Daarnaast bestaan er verschillende ideeën over de uitvoering van veganisme. Sommige veganisten hebben er totaal geen moeite mee om honing te eten of tweedehands leer te dragen, terwijl andere dat echt niet vinden kunnen.

 

Om het allemaal nog ingewikkelder te maken, is er nu ook de seagan-beweging. Zij vinden dat zeevruchten gewoon thuishoren in een veganistisch dieet. De beweging vraagt zich af: nu de maatschappij op vrijwel alle manier aan het veranderen is en we steeds meer van de wereld ontdekken en begrijpen, waarom zouden we dan zomaar accepteren dat schelpdieren niet in een veganistische manier van leven thuishoren?

In het geval van veel tweekleppige schelpdieren – zeebeesten als oesters, kokkels, mosselen en sint-jakobsschelpen – blijft de grens tussen plant en dier erg onduidelijk, vooral als het gaat om eten. “Maar ze leven!” zou iemand kunnen zeggen, die de oesters langzaam hun schelp op en dicht heeft zien doen. Maar dat geldt ook voor planten: elke peen en appel die je eet was ooit levend en begon te sterven toen hij van zijn stengel of wortel werd verwijderd. En hoewel bijvoorbeeld sint-jakobsschelpen, hun schelpen kunnen openen en sluiten met een adducor-spier, kunnen veel planten ook zelfstandig bewegen.